Traditioneel en modern gebruik

Een bloeiende kanna plant (Sceletium tortuosum)
Een bloeiende kanna plant (Sceletium tortuosum)

Kanna (Sceletium tortuosum) kent een lange geschiedenis bij de Khoikhoi en San uit Zuid-Afrika. Zij kauwden op het gefermenteerde plantmateriaal om hun gemoedstoestand te verbeteren en angstgevoelens te verjagen.

Kolonisten, zoals de gouverneur van de Nederlandse Kaap, Simon van der Stel, observeerden dat Sceletium tortuosum op dagelijkse basis werd geconsumeerd door de lokale bevolking.

‘Kougoed’, zoals de Nederlanders het noemden, had een rol in rituelen, sociale bijeenkomsten en bij genezing. De plant werd bijvoorbeeld gebruikt door soldaten die terugkwamen uit de strijd: het hielp hen om te gaan met gevoelens van onrust en angst.

De afgelopen jaren decennia krijgt de plant wereldwijde aandacht vanwege haar stressverlichtende en humeurverbeterende eigenschappen. Het aantal recreatieve gebruikers neemt toe. Daarnaast is kanna op de markt gebracht als voorgeschreven medicijn en vormt daarmee een alternatief voor synthetische antidepressiva.

Kanna, de eland antilope

Beide volken – de als herders levende Khoikhoi en de jagers-verzamelaars die bekend staan onder de naam San – beschouwen d eland antilope als heilig dier. Opvallend genoeg draagt het dier dezelfde naam als de plant: ‘kanna’. Dit wijst op de centrale plaats die Sceletium tortuosum inneemt in deze culturen.

Kanna bij tandextractie en andere inheemse, medische behandelingen

De wortels, bladeren en stam van de vetplant kunnen allen worden verwerkt tot een substantie die kan worden gekauwd, gerookt, gesnoven of waar thee van kan worden gezet.

Bij het kauwen veroorzaakt de plant een verdovend effect in de mond. De San gebruiken het daarom bij het uittrekken van tanden en kiezen. In kleine porties wordt het toegediend als medicijn voor kinderen met kolieken. In sommige verslagen wordt kanna genoemd als hulpmiddel bij de behandelingvan alcoholisme. De inheemse bevolking van Namaqualand en Queenstown maken een thee van kannabladeren, vanwege de verdovende en hongerstillende effecten.

Veroorzaakt kanna visioenen?

In de eerste verslagen van kolonisten over de Khoihoi (die toen bekend stonden als Hottentotten) werd kanna omschreven als een ‘bedwelmende’ substantie en een ‘visioen-veroorzakend entheogeen’. Maar kanna zelf is niet hallucinogeen. De visioenen zijn waarschijnlijk te herleiden tot een kruidenmix die de Khoikhoi ritueel rookten en die naast kanna onder anderen Cannabis sativa (‘dagga’) bevatte. Etnobotanist Christian Rätsch beschrijft: “De rook werd geïnhaleerd voor divinatie. Soms werd het collectief gerookt tijdens genezingsdansen.”

Kanna als alternatief antidepressivum

Door de heropname van serotonine te blokkeren, zorgt kanna ervoor dat de hersenen met een beperkt niveau van deze neurotransmitter kunnen functioneren. Daarnaast geeft kanna het brein de tijd om natuurlijke hoeveelheden serotonine op te bouwen. Als de natuurlijke niveaus eenmaal hersteld zijn, vervalt de behoefte aan meer kanna. Dit maakt kanna tot een effectief, natuurlijk antidepressivum.

In 2012 werd een gestandaardiseerd kanna-extract, genaamd Zembrin, geïntroduceerd als recept geneesmiddel. Het kan worden toegepast bij lichte tot gemiddelde depressies en depressieve periodes en bij psychologische of psychiatrische angststoornissen. Daarnaast wordt het gezien als nuttig hulpmiddel bij de behandeling van alcoholisme, drugsverslaving, boulimia nervosa en compulsieve stoornissen.

Kanna is eveneens populair als recreatief middel. Als zodanig wordt het verkocht door smartshops en online handelaren over de hele wereld. Bekijk onze waar kan ik kanna kopen pagina voor verkooppunten.